Wat begint als een gewone les eindigt soms in een kunstwerk van afval, een bijenhotel in de wijk of mysterieuze teksten rond putten op het schoolplein. Voor Roy, docent op het Sondervick College is dat precies de bedoeling. Zijn nominatie voor een duurzaamheidsprijs is dan ook geen individueel succesverhaal, benadrukt hij: “Deze nominatie voelt vooral als erkenning voor wat we samen doen. Mijn leerlingen maken het verschil.”
Van waarom zou ik? Naar we moeten iets doen! Roy ziet het keer op keer gebeuren. Leerlingen die in eerste instantie weinig voelen bij duurzaamheid, raken toch betrokken zodra je het concreet maakt. Bij het bijenproject begonnen ze met: ‘Waarom zouden we bijen redden?’,” vertelt hij. Maar zodra ze ontdekken dat bijen nodig zijn voor chocolade, koffie en zelfs pizza dan slaat dat om. En dan gaat het snel. Leerlingen ontwerpen fanatiek hun eigen bijenhotels, denken na over materialen en bouwen oplossingen voor hun eigen omgeving.
Buiten leren geeft meer impact De sleutel voor betrokkenheid van de leerlingen is met ze naar buiten gaan. Leerlingen denken vaak dat duurzaamheid iets groots en abstracts is, iets van later. Maar zodra je ze meeneemt naar buiten, wordt het persoonlijk: dit is mijn straat, mijn stad. Hij verwijst naar een uitspraak uit zijn masteronderzoek die zijn aanpak perfect samenvat One lesson outdoors is worth seven inside. En dat is zichtbaar. Buiten vallen theorie en praktijk samen en ontstaat échte betrokkenheid.
Een schoolplein vol vragen Een van de meest opvallende projecten ontstond uit een profielwerkstuk over plasticvervuiling. Twee leerlingen maakten een wereldbol van afval en bedachten een krachtige campagne: ’s Nachts markeerden ze alle putten op school (met toestemming van de gemeente) met biologisch afbreekbare verf en de tekst: Hier begint de zee! De volgende dag zorgde dat voor verwarring, gesprekken en nieuwsgierigheid door de hele school. Online gingen we viral met meer dan 27.000 weergaven. Dan zie je dat impact verder gaat dan een les. Het gaat leven.
Van idee naar beweging Ook het bijenhotelproject groeide uit tot iets groters dan verwacht. Wat begon als één project werd een samenwerking met de buurt, de gemeente en uiteindelijk meerdere opleidingen binnen de school. Meer dan 500 leerlingen werkten mee aan ontwerpen, met circulaire materialen zoals bamboe en oude dakpannen. Inmiddels ontwerpen ook leerlingen van het profiel BWI (Bouwen, Wonen en Interieur) hun eigen insectenhotels. Het mooie is dat zo’n project een vliegwiel wordt, vertelt Roy. Collega’s haken aan, andere scholen tonen interesse. Dan weet je: dit werkt.
Onderwijs voor de wereld van morgen
Het Amazing Future Festival sluit eigenlijk perfect aan bij hoe wij werken op school. Tijdens het festival draait het om toekomstdenken, ontwerpen en oplossingen bedenken. Dat is precies wat wij ook doen in projecten. Het festival versterkt die manier van denken: leerlingen zijn niet alleen bezig met leren maar met het vormgeven van de wereld van morgen. Heel inspirerend dus!
Duurzaamheid moet geen los project zijn. Het moet in het DNA van het onderwijs zitten. Als hij het moet samenvatten in één zin, hoeft Roy niet lang na te denken: Duurzaamheid begint bij het besef dat jouw keuzes invloed hebben en dat jij onderdeel kunt zijn van de oplossing.